Hoewel dit waarschijnlijk een beetje buiten je normale werkgebied als hypotheekadviseur valt, wil ik graag wijzen op de mogelijkheid om erfbelasting te betalen met kunst en andere zaken van cultuurhistorisch belang. Cliënten krijgen namelijk 20% korting op de te betalen erfbelasting en mogelijk zelfs nog een extra belastingvoordeel.

De regeling zelf en de eisen waaraan de (kunst)objecten moeten voldoen, staan beschreven op de site van de Belastingdienst. Daarom zal ik in dit stuk vooral de hoofdlijnen benoemen.

De basisregeling
Na het doorlopen van een keuringsprocedure kunnen erfgenamen de in de nalatenschap aanwezige (kunst)voorwerpen in eigendom overdragen aan de Staat de Nederlanden om hun belastingschuld te voldoen.

De aardigheid van deze manier van betalen is dat de waarde van de overgedragen zaken niet op “slechts” 100% wordt gesteld, maar op 120%. Een bonus dus van 20% of zo je wilt: een korting van 20% op de erfbelasting.

Cijfervoorbeeld:
Stel, een erfgenaam moet 120 aan erfbelasting betalen en tot de erfenis behoort een kunstwerk met een waarde van 100.
Als de erfgenaam de erfbelasting betaalt door dat kunstwerk over te dragen aan de Staat, wordt de waarde daarvan met 20% verhoogd tot 120.  
Het vermogen van de erfgenaam is dus slechts met 100 gezakt, terwijl hij of zij af is van een schuld van 120.

Formeel is het zo dat de fiscus een kwijtschelding verleent van 20% op de te betalen erfbelasting en de waarde van het object voor 100% opneemt als betaling.

De overledene moet de (kunst)objecten hebben verkregen vóór zijn overlijden. Eén van de eisen van de regeling is namelijk dat het object opgenomen moet zijn in de aangifte erfbelasting. Voor die aangifte geldt als peildatum de dag van overlijden. Uit persoonlijke ervaring weet ik dat het niet mogelijk is om achteraf een bijzonder object aan te schaffen en dit object aan de fiscus aan te bieden.

Eisen waaraan de objecten moeten voldoen
De (kunst)voorwerpen die gebruikt kunnen worden, moeten wel van voldoende kunst- of cultuurhistorisch belang zijn voor Nederland. Voor deze regeling kun je deze objecten in drie categoriëen indelen. Allereerst de voorwerpen die staan vermeld in een register dat wordt bijgehouden op grond van de Erfgoedwet. Dat zij van voldoende nationaal belang zijn staat daardoor buiten kijf.

Dan zijn er objecten die weliswaar (nog) niet in dat register staan, maar wel aan de eisen voldoen om daarin opgenomen te worden. Deze kunnen alsnog aangemeld worden zodat vervolgens de erfbelasting in natura kan worden voldaan.

Een restcategorie betreft die voorwerpen die niet voldoen aan de eisen van het register. Toch kunnen ook deze benut worden door de erfgenamen. Maar dan gelden andere regels.
Volgens de site van de Belastingdienst moet het in dat geval gaan om een object dat:
• regelmatig tentoongesteld wordt
• een hoogtepunt is in het oeuvre van een bekende kunstenaar
• belangrijk is vanwege zijn herkomst
• deel uitmaakt van een waardevolle verzameling.

Overigens kan ook kunst uit het buitenland onder de regeling vallen.

Het gaat niet alleen om kunstvoorwerpen, maar bijvoorbeeld ook om unieke manuscripten, verzamelingen die enig in hun soort zijn of de archieven van gerenomeerde schrijvers.

Het leren jasje van Olivia Newton John uit Grease is weliswaar prijzig geweest, maar zal niet direct geaccepteerd worden. De originele dagboeken van Jan Wolkers waarschijnlijk wel.

Toetsing
Ook al heb je een object dat voldoet aan voormelde eisen, dan ben je er nog niet. Een commissie van deskundigen moet een positief advies uitbrengen aan de Staatsecretaris van Financiën. De staatssecretaris is namelijk de uiteindelijk verantwoordelijke bewindspersoon.

Eén van de dingen die de commissie schijnt mee te wegen, is een verklaring van een directeur van een museum dat hij of zij het aangeboden object graag wil opnemen in de collectie en waarom dat het geval is.

Het object is meer waard dan de te betalen erfbelasting.
Extra voordeel
Stel, een erfgenaam moet 300 aan erfbelasting betalen en tot de erfenis behoort een kunstwerk met een waarde van 600. Als de erfgenaam de erfbelasting betaalt door dat kunstwerk over te dragen aan de Staat, dan verwacht je dat de waarde daarvan met 20% wordt verhoogd tot 720. Helaas wordt er nooit meer kwijtgescholden dan de te betalen erfbelasting. In dit geval dus maximaal 300. Daarmee zou een waarde van 420 verdampen.

De berekening wordt echter anders. Een gedeelte van 100/120e wordt van de te betalen erfbelasting afgetrokken. Vervolgens kan het verschil met de marktwaarde in vijf jaar tijd als periodieke schenking aan de Staat worden geschonken. Ieder jaar mag de erfgenaam dan 1/5 van het surplus zonder beperking aftrekken bij de aangifte voor de inkomstenbelasting. Daardoor hoeft de erfgenaam gedurende die vijf jaar minder inkomstenbelasting te betalen.

Daar horen wel drie kanttekeningen bij. De eerste is dat niet iedere erfgenaam die in Nederland erfbelasting moet afdragen ook inkomstenbelasting verschuldigd is in ons land. Daarnaast moet de erfgenaam wel voldoende belastbaar inkomen hebben, anders verdwijnt een deel van het voordeel. Als laatste wijs ik op het gegeven dat het percentage waartegen periodieke schenkingen afgetrokken kunnen worden de komende jaren fors daalt. Namelijk van 46% in 2020 naar 37,05% in 2023 en volgende jaren. Dus het klinkt leuker dan het in werkelijkheid is.

Cijfervoorbeeld:
De erfbelasting bedraagt 300. Het kunstvoorwerp is 600 waard.
Allereerst wordt 100/120e deel van de te betalen erfbelasting in mindering gebracht op de waarde van het object.
In casu dus 250.
De fiscus scheldt hiervan 20% kwijt op de te betalen erfbelasting. Dat is een bedrag van 50.
Daarmee is dus de gehele heffing van erfbelasting ad 300 voldaan.

Van de waarde van het voorwerp blijft dus 350 over (600 minus 250).
Dat bedrag schenkt de erfgenaam vervolgens in vijf gelijke jaarlijkse termijnen aan de Staat als periodieke schenking.
Dat is 70 per jaar voor de jaren 2020 tot en met 2024.
Zijn belastbaar inkomen wordt daardoor als volgt verminderd:

Voor 2020 met 46%, oftewel 32,20
Voor 2021 met 43%, oftewel 30,10
Voor 2022 met 40%, oftewel 28
Voor 2023 en 2024 met 37,05%, oftewel 25,935 over beide jaren samen.
Over de gehele periode is dat 142,17.

Betaling van de erfbelasting ad 300 “kost” een erfgenaam op deze wijze dus niet 250, maar slechts 107,83 !

Voor vermogende klanten kan het dus interessant zijn om te starten met het bijeenbrengen van een unieke verzameling of het kopen van bijzondere kunst. Het regelen van bezoeken aan musea en afspraken met de directeuren daarvan is wellicht een nieuwe loot aan de stam van de estate-planning.

Wil je hierover wat laten weten, stuur dan een mail.    

PRINTVERSIE met hyperlinks

%d bloggers liken dit: