“Ik hoorde dat je erfbelasting kunt besparen als je iets regelt voor je kleinkinderen. Dat wil ik ook, want wie weet lig ik binnenkort in zo’n kist en dan is het te laat.” Met deze woorden sprak een dame van een zekere leeftijd mij aan tijdens de koffietafel na de begrafenis van een oudere buurtgenoot.

“Timing is everything” dacht ik. Maar het was duidelijk dat mijn gesprekspartner mij niet zou laten gaan tot ik mijn juridische kennis had gedeeld. Dus stak ik van wal over het kleinkind-legaat. In je testament kun je opnemen dat ieder kleinkind een geldbedrag krijgt. Op die manier kun je € 20.371,- laten vererven zonder dat de kleinkinderen daar erfbelasting over hoeven te betalen. Dat is althans de vrijstelling voor kleinkinderen anno 2018.

Daarmee was ik er niet, want “wat nu als ik pas over vijf jaar overlijdt en de vrijstelling hoger is. Dan is het toch jammer als je niet het maximale voordeel hebt omdat je de bedragen van dit jaar in het testament zet. Dan moet ik jou zeker ieder jaar weer betalen voor een nieuw testament ?”

Daarop beloofde ik dat ik in het testament zou verwijzen naar het bedrag dat in het jaar van haar overlijden vrijgesteld zou zijn. Dan hoefde zij maar één keer langs te komen en te betalen. Haar testament zou op die manier “meegroeien” met de fiscale cijfers.

Terwijl ik mijn kop thee probeerde te drinken, kreeg ik een volgende vraag. “Moet ik nog ergens anders aan denken ?” Daarop reageerde ik met “Je zou nog een bewind kunnen opnemen. Dan kunnen de kleinkinderen geen onzinnige dingen met het geld doen, zoals een dure auto kopen als ze net hun rijbewijs hebben.” Mijn gesprekspartner overdacht dit schrikbeeld: haar zuurverdiende geld erdoor gejaagd!

Iets later zag ik vijf plakken cake in een servetje in haar handtas verdwijnen. Goedkoop advies van de notaris en gratis iets lekkers voor thuis. Zuinigheid met vlijt bouwt huizen als kastelen.

Printversie

%d bloggers liken dit: