Eerder heb ik geschreven over de mogelijkheden die je hebt als je een erfenis krijgt.
Namelijk:

  1. verwerpen (je doet afstand van al je rechten, maar krijgt ook geen plichten);
  2. zuiver aanvaarden (je krijgt alle rechten maar ook alle verplichtingen);
  3. beneficiair aanvaarden (je krijgt alle rechten en heel veel, maar niet alle plichten).

Aansprakelijkheid erfgenaam

Het verschil tussen optie 2. en 3. zit in de aansprakelijkheid voor de schulden die de overleden persoon had. Bij een zuivere aanvaarding is de erfgenaam met zijn of haar eigen vermogen aansprakelijk voor deze schulden. Heeft de erfgenaam beneficiair aanvaard, dan is die aansprakelijkheid beperkt. De erfgenaam moet de erfenis correct en conform wettelijke regels afwikkelen, maar als er te weinig activa zijn nagelaten om de schulden helemaal te voldoen, dan kunnen de schuldeisers zich niet verhalen op het vermogen van de erfgenaam.

Een erfgenaam moet dus zorgvuldig afwegen welke keuze hij of zij uitbrengt, omdat dit grote gevolgen kan hebben. Helaas is niet altijd direct duidelijk of de erfenis een positief saldo heeft. Soms blijkt pas na een tijdje dat er nog (meer) schulden zijn. Gelukkig is in de wet geregeld dat als een erfgenaam met een onbekende schuld wordt geconfronteerd, hij of zij aan de rechter kan vragen om van een zuivere aanvaarding over te gaan op een beneficiaire aanvaarding.

(On)bekende onbekende schulden

In mijn vorige artikel heb ik al aangegeven dat er dan sprake moet zijn van “echte” onbekende schulden en niet van schulden die bekend hadden kunnen zijn. Zo’n situatie kan zich voordoen door de zogeheten renteclausule in testamenten. Omdat estate-planners graag gebruik maken van die techniek, zal ik hierna ingaan op de gevolgen die dit kan hebben voor de aansprakelijkheid van de erfgenamen.

Renteclausule

Bij een langstlevende regeling gaat de gehele erfenis naar de langstlevende echtgenoot. De kinderen van de overledene krijgen echter een vordering op de langstlevende ter grootte van een kindsdeel. Die vordering wordt (behoudens uitzondering) pas aan deze kinderen uitbetaald nadat ook de langstlevende overleden is. Staat in het testament van de overledene een renteclausule, dan groeit deze vordering ieder jaar met het aldaar vermelde percentage. Bij overlijden van de langstlevende moet dan de basis-vordering vermeerderd met de opgebouwde rente worden uitbetaald aan de erfgenamen. Fiscaal kan dat gunstig uitpakken omdat de erfenis van de langstlevende daardoor stukken kleiner is.

Voorbeeld

Man en vrouw zijn in de wettelijke gemeenschap van goederen gehuwd.

Zij bezitten samen € 300.000,- (huis is vrij van hypotheek).

Er zijn geen privé-bezittingen op grond van verkregen erfenissen of schenkingen.
Samen hebben ze twee kinderen.

Bij overlijden van de man is zijn erfenis dus 50% van het totale vermogen, oftewel € 150.000,-.
Hij laat drie erfgenamen achter (vrouw en beide kinderen), die ieder 1/3e deel erven.
Een kindsdeel is dus € 50.000,- groot.

Alle bezit gaat naar de langstlevende die een schuld heeft per kind van € 50.000,-.

In het testament van de man is een renteclausule opgenomen waardoor over die schuld zes procent (6%) rente verschuldigd is. (een enkelvoudige rente en dus geen rente-op-rente). Die rente moet in ieder geval aan de kinderen betaald worden als ook de langstlevende overleden is.

Overlijdt de langstlevende al na één jaar dan moet er dus aan ieder kind worden uitbetaald € 50.000,- plus € 3.000,- (1 jaar rente ad 6% over € 50.000,-).
Overlijdt de langstlevende na vijf jaar, dan is de schuld per kind al opgelopen tot € 65.000,- (€ 50.000,- + 5 jaar rente).

Als het vermogen van de langstlevende niet gewijzigd is in die vijf jaar, dan bezit zij dus een huis van € 300.000,-. Maar haar erfenis is een stuk lager omdat de schuld aan de beide kinderen nog uitbetaald moet worden. Die schuld is per kind € 65.000,-, dus in totaal € 130.000,-.
De erfenis is dus “slechts” € 170.000,- groot.

Fiscaal is het zo dat over de rente door de kinderen dan geen erfbelasting betaald hoeft te worden. Dus dat is een besparing van minimaal 10% over € 15.000,- per kind.
Omdat de kinderen zowel erfgenamen zijn van hun moeder als haar schuldeisers, merken zij er eigenlijk niets van. Het voelt als een broekzak / vestzak situatie.

Nadelige effecten rente

Helaas kan het ook verkeerd uitpakken. Hopelijk kun je dan als erfgenaam de zuivere aanvaarding ongedaan maken.

De situatie is hetzelfde als hierboven, maar dit keer hertrouwt de weduwe na vijf jaar en krijgt nog één kind met haar tweede echtgenoot. Zij trouwen onder het maken van huwelijkse voorwaarden inhoudend dat het huis van haar blijft. Vervolgens overlijdt zij vijftien jaar later, dus twintig jaar ná het overlijden van haar eerste man.

Voorbeeld

Bij het overlijden van haar eerste man was het kindsdeel € 50.000,- groot.
Ieder jaar dat zij langer leeft, komt daar per kind € 3.000,- bij.
Als zij overlijdt is er per kind € 60.000,- aan rente verschuldigd (20 jaar x € 3.000,-) bovenop de “hoofdsom” van € 50.000,- per kind.

Ieder kind uit haar eerste huwelijk heeft op dat moment recht op € 110.000,-. Samen krijgen zij dus uit het vermogen van hun moeder € 220.000,-.

Hun moeder was, zoals gezegd, hertrouwt. Bij haar overlijden liet zij vier erfgenamen achter: haar tweede man, haar twee kinderen uit het eerste huwelijk en haar kind uit het tweede huwelijk. Ieder voor een gelijk deel, dus ieder voor 1/4e.

Tien jaar voor haar overlijden, is het huis verkocht voor € 400.000,-. Maar daarvan is nog € 200.000 over en dat bedrag staat nog op de spaarrekening. Het verschil is opgemaakt omdat dit als een soort privé VUT-regeling is gebruikt. De vrouw was namelijk minder gaan werken en het plan was om tot haar pensioen “leuke dingen” te doen van de overwaarde.

Haar weduwnaar aanvaardt de erfenis zuiver omdat hij in de veronderstelling leeft dat er geen schulden zijn. En met een banksaldo van twee ton, zou je die conclusie ook makkelijk kunnen trekken.

Helaas voor hem, melden de kinderen uit het eerste huwelijk zich twee maanden na het overlijden van hun moeder. Zij eisen uitbetaling van hun vadersdeel ad in totaal € 220.000,-. Op grond van het testament van hun overleden vader, moet er uitbetaald worden als hun moeder (als langstlevende van hun beide ouders) is overleden.

Het gevolg is dat de erfenis die in eerste instantie ruim voldoende leek om alle schulden te betalen, ineens een negatief saldo heeft. Want er staat weliswaar € 200.000,- op de spaarrekening, maar er moet aan de kinderen uit het eerste huwelijk € 220.000,- worden uitbetaald.

Haar tweede man ziet zich gedwongen om niet alleen het saldo van de spaarrekening af te staan, maar om zelfs een lening af te sluiten van € 20.000,-. Of hem dat gaat lukken is nog maar de vraag. Hij is immers ook niet meer de jongste en heeft daarnaast ook geen huis als onderpand. Technisch gezien is hij eigenlijk failliet.

Werkt verzoek om alsnog beneficiair te aanvaarden ?

Zoals aangegeven, kan een erfgenaam de rechter vragen om een erfenis alsnog beneficiair te aanvaarden.

Als de weduwnaar dit verzoek doet en de rechter daarin mee gaat, is hij nog steeds het volledige saldo van de spaarrekening kwijt. Maar hij hoeft geen dure persoonlijke lening af te sluiten om de ontbrekende € 20.000,- te kunnen betalen aan zijn stiefkinderen.

De rechter zal echter een oordeel moeten vellen of er wel sprake is van een “echte” onbekende schuld. De tweede echtgenoot wist op het moment van het overlijden van zijn vrouw formeel niets van haar schuld aan de kinderen uit haar eerste huwelijk. Die was namelijk gedefiscaliseerd en werd dus niet ieder jaar in haar aangifte Inkomstenbelasting vermeld. Maar je kunt ook redeneren dat gedurende hun 15-jarige relatie de man toch wel eens aan zijn vrouw gevraagd zal hebben of zij haar kinderen ooit hun vaders’ deel heeft uitbetaald.

Voorbeeld van afwijzing verzoek

Het is dus niet zeker dat het verzoek wordt ingewilligd door de rechter. Hiervoor verwijs ik naar een situatie die bij de Rechtbank Midden-Nederland speelde.

De weduwnaar mocht de erfenis van zijn vrouw niet alsnog beneficiair aanvaarden. In eerste instantie leek het erop dat er meer bezittingen dan schulden waren. Totdat de Belastingsdienst na haar overlijden aanslagen oplegde vanwege de onderneming(en) die zij in een eenmanszaak, een vennootschap onder firma én een besloten vennootschap (BV) had uitgeoefend.

De man wist weliswaar dat er belastingschulden waren, maar had deze zelf (te) laag ingeschat. Nu de aanslagen er lagen, bleek de omvang van zijn inschattingsfout. Helaas voor de man was de rechtbank van mening dat deze fout voor zijn rekening moest komen. Het verzoek om terug te komen op de zuivere aanvaarding en de erfenis alsnog beneficiair te mogen aanvaarden, werd afgewezen.

Waarschuwing

Als je erfgenaam bent, is het dus zeer belangrijk om alle schulden boven tafel te krijgen. Heb je ook maar de geringste twijfel, dan raad ik sterk aan om de erfenis te aanvaarden op een wijze die je beschermt tegen (bekende) onbekende schulden van de overledene.

Beneficiaire aanvaarding (of formeel: aanvaarding onder het voorrecht van boedelbescherming) kost je geld en tijd. Je moet in ieder geval griffierecht betalen voor de aantekening dat je gebruik maakt van deze beschermingsconstructie. Bovendien moet je de erfenis volgens wettelijke procedures afwikkelen. Volg je de spelregels niet, dan ben je alsnog de klos. Maar dat laatste is eigenlijk ook wel logisch. Het is tenslotte jouw besluit om van de regels af te wijken. Dan moet je ook maar op de financiële blaren zitten.

Wil je hierover wat laten weten, stuur dan een mail.  

Printversie

%d bloggers liken dit: