Wat kun je doen als er nog een oud hypotheekrecht is ingeschreven bij het Kadaster en het onderpand verkocht is ? De levering kan niet plaatsvinden omdat er “vrij van hypotheekrechten en inschrijvingen daarvan” geleverd moet worden. Dat is – simpel gezegd – de zaak die speelde bij de voorzieningenrechter in Rotterdam.

Ernst Loendersloot bij Samen voor Maastricht. Foto 6.

Ernst Loendersloot bij Samen voor Maastricht. Foto 6.

Voor een financieel adviseur een niet geheel onbekende situatie en daarom wil ik graag deze uitspraak onder je aandacht brengen.

Oude hypothecaire geldlening en geen schuldeiser meer

De vader van de eisers in deze zaak heeft ooit gewerkt bij een stichting. Ik neem aan dat één van de secundaire arbeidsvoorwaarden inhield dat een werknemer (goedkoop) geld kon lenen bij de baas. In 1969 heeft vader namelijk f 55.000,- gulden geleend van de stichting. In de leningsovereenkomst is vastgelegd dat de lening tien jaar later afgelost moest zijn. Tevens heeft vader – met tussenkomst van een notaris – aan de stichting een zekerheidsrecht verstrekt in de vorm van een eerste hypotheekrecht op de woning.

Vader en moeder overlijden (uit de uitspraak blijkt overigens niet in welk jaar) en laten het huis na aan hun kinderen. Deze zetten het huis te koop, vinden een koper en tekenen een koopcontract.

Bij de voorbereidingen van de akte van levering, wordt er hypothecaire recherche gedaan en horen de kinderen voor het eerst dat er nog een oud hypotheekrecht is geregistreerd bij het Kadaster. Zij kunnen daardoor niet vrij van hypotheken of inschrijvingen daarvan leveren, zoals in de koopovereenkomst is opgenomen.

Simpelweg een verzoek tot royement indienen bij de schuldeiser gaat niet. De stichting is namelijk al in 1990 ontbonden en de vereffenaar van de ontbonden stichting is in 2000 overleden.

Er is dus geen schuldenaar meer in leven, maar ook de schuldeiser is niet meer te traceren. Of de schuld wel nog bestaat, is daarom niet meer na te gaan bij de crediteur. Ook de administratie van de debiteur biedt geen soelaas aangezien de erfgenamen deze een half jaar eerder hebben weggegooid.

Patstelling wordt praktisch opgelost

Er is niemand meer die het verlossende antwoord kan geven maar er is wél spoedeisendheid aangezien binnenkort de akte van levering getekend moet worden. De voorzieningenrechter acht zich bevoegd en verklaart dat de oude hypothecaire inschrijving waardeloos is zoals bedoeld in artikel 29 Boek 3 van het Burgerlijk wetboek (BW). De notaris kan dus zorgdragen voor royement en de akte van levering passeren aangezien er nu toch vrij van hypothecaire inschrijvingen geleverd kan worden.

Bestaat de schuldeiser niet meer of geeft deze niet thuis op het verzoek tot doorhaling, dan biedt artikel 3:29 BW dus ruimte voor een (praktische) oplossing. En dat is handig om in je achterhoofd te houden.

Onder voorwaarden

De Rotterdamse rechter verbindt wel enkele voorwaarden aan zijn beslissing. Allereerst moet er bij de notaris € 30.000,- in depot blijven. Ook moeten de erfgenamen van de debiteur zo spoedig mogelijk een advertentie plaatsen in een representatieve regionale krant om (potentiële) opvolgers van de crediteur op te roepen. Deze dienen zich dan binnen een maand te melden bij de advocaat van de kinderen en hun claim op het geld te onderbouwen.

Het lijkt een beetje “polderen” maar het is een zeer praktische oplossing voor een anderszins lastig op te lossen probleem.

Wil je hierover wat laten weten, stuur dan een mail.  

Printversie

%d bloggers liken dit: