Beste lezer,

Deze column is eigenlijk meer bedoeld voor mijn collega (kandidaat-)notarissen, notarisklerken en anderen die professioneel bezig zijn met de afwikkeling van erfenissen. Maar als u in uw testament heeft bepaald dat een deskundige uw erfenis moet afwikkelen als executeur, dan raad ik u aan om door te lezen. Misschien moet u even met uw testament bij uw notaris langsgaan voor een check-up.


Mag een executeur besluiten dat hij niet privé de erfenis afwikkelt maar dat zijn BV dat doet ?

Die vraag kreeg de kantonrechter in Rotterdam voorgelegd. Op 22 maart 2013 heeft de rechter een uitspraak gedaan en hierop een antwoord gegeven.

Die uitspraak is interessant omdat daaruit blijkt dat de heer X (als privé-persoon) in het testament van de overledene tot executeur is benoemd en dat tevens vermeld is dat de heer X recht heeft op een uurloon. Dat uurloon mag verhoogd worden met BTW als die verschuldigd is. Meestal blijkt dat een executeur ook erfgenaam is en dat hij of zij daarom geen recht heeft op loon. Maar hier is dus nadrukkelijk voor een (deskundige) buitenstaander gekozen die wel betaald moet worden.

In het testament van de overledene was opgenomen dat de heer X het recht had om een ander in zijn plaats aan te stellen als executeur. Dit is een vrij gebruikelijke clausule en er wordt mee voorkomen dat er een gat valt in de afwikkeling van de nalatenschap als degene die als eerste is genoemd tijdens de afhandeling bijvoorbeeld zo ziek wordt dat hij het werk moet neerleggen.

In de situatie die voorgelegd werd aan de rechter in Rotterdam had de heer X zich niet formeel teruggetrokken en een ander in zijn plaats aangewezen. Wel werden de werkzaamheden door de BV van de heer X in rekening gebracht, waarbij over de gedeclareerde uren 21% BTW werd gerekend.

De erfgenamen waren het hier niet mee eens, want die 21% BTW zou niet betaald hoeven te worden als de heer X als privé-persoon het werk had verricht. De heer X is namelijk niet BTW-plichtig en zijn BV wel. Naar ik aanneem deed de heer X wel het werk, maar verliep de declaratie dus via de BV omdat hij het werk deed in zijn hoedanigheid van directeur van deze BV.

Eind van het liedje was wel dat de erfgenamen op deze wijze minder ontvingen omdat er ook nog BTW betaald moest worden.

De rechter vond dat dit niet kon, maar als ik mijn interpretatie van de uitspraak mag geven, enkel en alleen op grond van het feit dat de heer X nooit formeel de BV als executeur in zijn plaats had aangewezen.

(Zie overweging 5.5 in combinatie met overweging 5.1.)

 
Aanpassen van de standaard clausule in het testament over in de plaats stelling door de executeur ?

Ik vraag mij af of (kandidaat-)notarissen niet de standaard clausule over de in de plaatsstelling moeten aanpassen na deze uitspraak.

Ik bedoel daarmee of niet expliciet vermeld moet worden dat in de plaatsstelling is toegestaan, maar dat als er een (uur)loon gerekend mag worden, de in de plaatsstelling niet mag leiden tot hogere kosten.

Had zo’n clausule in het Rotterdamse testament gestaan, dan zou de heer X nog steeds de mogelijkheid hebben gehad om zijn BV in zijn plaats aan te stellen. Maar voor het gefactureerde uurloon zou dat niets hebben uitgemaakt. Het loon van € 120,- dat de heer X in rekening mocht brengen zou dan ook voor de BV hetzelfde zijn.

Alleen de heer X was geen ondernemer, dus zou hij niet meer dan (netto) € 120,- per uur mogen rekenen. Na in de plaatsstelling zou de BV ook maar € 120,- mogen declareren, maar dan inclusief BTW.

Ik ben benieuwd naar de reactie van notarieel Nederland.

Printversie 

20120920-084051.jpg