Op 12 juni jl. is de Eerste Kamer akkoord gegaan met afschaffing van de eis dat een notaris de Nederlandse nationaliteit moet hebben.

Deze eis stond namelijk in de Wet op het Notarisambt. Volgens velen was dit in strijd met Europese regelgeving.

Volgens mij moet er echter nog een bepaling in de Wet op het Notarisambt worden aangepast vanwege discriminatie. Het gaat dan om artikel 39 lid 3, waarin staat dat de getuige bij een akte, zoals een testament, in Nederland “woonplaats moet hebben”.

Er wordt dus niet gekeken naar de nationaliteit van de getuige, maar wel naar waar deze woont.

In de praktijk is de getuige bijna altijd een medewerker van de notaris. Maar door deze regeling in de wet kan het zijn dat iemand die solliciteert voor een baan bij een notaris, niet aangenomen wordt als hij of zij in bijvoorbeeld Belgiƫ of Duitsland woont. Deze sollicitant is namelijk minder goed inzetbaar door de notaris.

Dit zou dus wel eens kunnen betekenen dat er strijd is met het vrij verkeer van personen, goederen en diensten zoals de Europese Unie die wenst.

Mijn bedenkingen hierover heb ik al doorgegeven aan de Koninklijke Notariƫle Beroepsorganisatie en mij is verteld dat dit meegenomen wordt in een volgend overleg op het Ministerie van Justitie.

Een eerder bericht over het nationaliteits-vereiste van notarissen kunt u hier nalezen.