Beste lezer,
Dit keer een thuiswedstrijd want de zaak speelt in Zuid-Limburg. De rechtbank in Maastricht heeft op 29 juli 2011 een uitspraak gedaan over het recht van de notaris om te zwijgen, het zogeheten verschoningsrecht. Dit recht bestaat voor bepaalde beroepsgroepen zoals in ieder geval artsen en notarissen, zodat hun clienten er zeker van kunnen zijn dat wat zij vertellen niet bij anderen terecht komt.
In uitzonderlijke gevallen mag dan wel moet de notaris dit recht aan de kant zetten. Als er een bijvoorbeeld vermoeden is van het witwassen van crimineel geld, zal de notaris een Melding Ongebruikelijke Transacties (MOT) moeten doen bij de politie. Recent heb ik dat moeten doen en ik kan u vertellen dat pas na een dag worstelen met de computer, helpdesks en technici ik de melding heb kunnen insturen. Dat bevordert het doen van een melding zeker niet. Dus als de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) en de FIU van de Koninklijke Landelijke Politie Dienst (KLPD) dit lezen, hoop ik dat ze het makkelijker zullen maken.
Maar terug naar de situatie in Zuid-Limburg. De rechter oordeelde dat de betreffende notaris zich niet mocht beroepen op zijn zwijgrecht, omdat er teveel gebeurd was. Alleen in zeer uitzonderlijke gevallen moet de notaris namelijk spreken.
De rechter vond dat in deze zaak hiervan sprake was geweest. Eén van de argumenten was dat de notaris namelijk zelf verdacht werd van een ernstig misdrijf. Namelijk valsheid in geschrifte omdat de notaris meegewerkt zou hebben (al dan niet samen met anderen) aan het opnemen van onjuiste verklaringen in akten.
Zo wist de notaris of had deze moeten weten dat de koopprijs in de akte fors afweek van de waarde zoals die door de gemeente voor de WOZ was vastgesteld. Maar ook stond er bijvoorbeeld in de akte dat de koper de koopsom had overgemaakt op een bankrekening van de notaris, terwijl de notaris wist dat het geld door een andere (rechts)persoon was overgeboekt.
Daarom oordeelde de rechtbank dat de partijen die de akten hadden getekend bij de notaris er niet op mochten rekenen dat de notaris over de zaak moest zwijgen. Tenslotte stonden er valse gegevens in die akten.
Deze uitspraak van de rechter is slechts een onderdeel van een groot en gezamenlijk onderzoek dat door de politie, justitie en andere opsporingsinstanties is opgezet naar criminele activiteiten in Zuid-Limburg. Wat daar verder ook uitkomt, voor het notariaat is er in ieder geval genoeg reden om intern te discussiëren waar zwijgen goud is en spreken zilver. En over dit soort ethische zaken kun je verschillend denken.
