Beste Lezer,

Bijna een jaar geleden heeft het Hof in Amsterdam een uitspraak gedaan over een verplichte bijdrage aan een vereniging van eigenaars van een bungalowpark.
(Zie http://zoeken.rechtspraak.nl/resultpage.aspx?snelzoeken=true&collection=rnl&querypage=../zoeken/zoeken.asp&searchtype=ljn&ljn=bm2999)
Deze uitspraak past in een rijtje van zaken waarover ik eerder schreef, dus wil ik u die niet onthouden.
(Zie column 41 en 42)

In de akte van levering van een bungalow was opgenomen dat de koper verplicht eigenaar moest worden van een (gewone) vereniging van eigenaars. Ook was daarin opgenomen de verplichting om jaarlijks een vast bedrag te betalen aan deze vereniging voor het parkonderhoud. Dit vaste bedrag mocht volgens de akte overigens wel aan de inflatie worden aangepast.

Na een paar jaar vond de koper het kennelijk genoeg en zei het lidmaatschap op van de (gewone) vereniging van eigenaars. Daarna werd door deze vereniging besloten om naast de jaarlijkse vaste bijdrage, nog aan alle eigenaren een eenmalig bedrag te vragen.

De eigenaar wilde dat eenmalige bedrag niet betalen en uiteindelijk heeft het Hof bepaald dat hij niet verplicht lid hoefde te zijn van de (gewone) vereniging van eigenaars. Omdat de eigenaar al geen lid meer van de vereniging was toen het besluit werd genomen om eenmalige extra te betalen, hoefde hij dit bedrag niet te betalen.

Wel werd uitgesproken dat de eigenaar gewoon de jaarlijkse bijdrage moest betalen.

Er is nu in ieder geval duidelijkheid gekomen in deze zaak. Ook weten we nu voor de toekomst dat als het de bedoeling is dat de vereniging niet alleen een vast jaarlijks bedrag mag innen, maar ook soms eenmalige bedragen moet kunnen opleggen, dat het dan nodig is om dit expliciet in de akte van levering op te nemen.